In de afgelopen jaren zijn er in de binnenvaart meerdere ongelukken, en waarschijnlijk vele bijna-ongelukken geweest door een laad- of losleiding onder druk.
Tijdens de bemanningsdagen van BFT hebben ze hiervan al een demonstratie gegeven. Vanwege de vele reacties hebben ze hiervan een filmpje gemaakt.
In dit filmpje is te zien wat slechts 3 bar al kan aanrichten wanneer er niet correct wordt gehandeld bij werkzaamheden aan de leiding*.
Bespreek dit uitgebreid met de bemanning en collega’s tijdens een safety-meeting zodat iedereen zich bewust is van de risico’s.
* Het filmpje is in een veilige omgeving bij BFT in scene gezet.
Wat wordt bedoeld met ‘druk op een leiding’
Tijdens het laden, lossen of inertiseren staan leidingen aan boord van een tankschip vaak onder druk. Die druk kan ontstaan door vloeistof (product of water), gas (zoals stikstof) of een combinatie van beide.
Zelfs na afloop van een operatie kan er restdruk in de leiding blijven, bijvoorbeeld doordat een afsluiter is dichtgezet, er temperatuurverschil optreedt of een ontluchting defect is.
Gevaren van druk op een leiding
1. Fysiek letsel bij openen
Wanneer een leiding of dop wordt geopend zonder vooraf te ontluchten, kan de inhoud plotseling ontsnappen. Dit kan leiden tot verwondingen, chemische brandwonden, bevriezing of oogletsel.
2. Milieu- en brandgevaar
Product dat onder druk ontsnapt kan het dek, het water of de omgeving vervuilen. Vluchtige stoffen kunnen bovendien een explosief mengsel vormen.
3. Schade aan apparatuur
Te hoge druk kan leiden tot leidingbreuk, flenslekkage of beschadiging van afsluiters, slangen en meetinstrumenten.
4. Gevaar bij inspectie of onderhoud
Restdruk kan onverwacht vrijkomen bij werkzaamheden, met risico op letsel of schade.
Oorzaken van restdruk
- Onvolledig ontluchten of leegblazen na de operatie.
- Afgesloten leidingdeel tussen twee dichte afsluiters.
- Temperatuurstijging van product in een afgesloten leiding.
- Langzame lekkage via een defecte klep.
- Onjuiste inertiseringsprocedure of lekkende stikstofleiding.
Herkennen van druk op een leiding
- Sissend geluid bij het openen van een dop.
- Trilling of spanning in flexibele slangen.
- Weerstand bij het losdraaien van koppelingen.
- Drukaflezing op manometers.
- Sporen van product bij flenzen of verbindingen.
Veiligheidsmaatregelen
- Altijd ontluchten voordat een leiding wordt geopend.
Gebruik de aangewezen ontluchtingsvoorziening en controleer dat er geen druk meer aanwezig is. - Gebruik de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM).
Draag veiligheidsbril, chemicaliënbestendige handschoenen, helm en overall.
Bij gevaarlijke dampen is ademhalingsbescherming verplicht. - Controleer afsluiters en manometers regelmatig.
Slecht functionerende of defecte instrumenten kunnen een vals gevoel van veiligheid geven. - Voer het werk uit met het vier-ogenprincipe.
Laat het openen van leidingen altijd door twee personen controleren. - Gebruik lock-out/tag-out bij onderhoud.
Leidingen moeten fysiek geblokkeerd of geborgd worden om onverwachte drukopbouw te voorkomen. - Voorkom thermische overdruk.
Leidingen die langdurig afgesloten blijven, moeten voorzien zijn van ontlastkleppen of retourleidingen om druk door temperatuurveranderingen af te voeren.
Samenvatting
| Risico | Oorzaak | Gevolg | Maatregel |
|---|---|---|---|
| Restdruk na operatie | Niet ontlucht | Productspuiting | Altijd ontluchten |
| Afgesloten sectie | Twee dichte kleppen | Overdruk | Ontlastklep of open verbinding |
| Temperatuureffect | Zon of warm product | Leidingbreuk | Leidingen niet volledig afsluiten |
| Onjuiste afsluitvolgorde | Onervaren bediening | Verwonding | Opleiding en controleprocedure |
| Onbetrouwbare meter | Defect instrument | Valse veiligheid | Regelmatige kalibratie |
Wat kun je zelf doen om veilig te werken:
- Kies altijd een veilige plaats bij het losmaken van een dop of flens.
- Wijs collega’s op het gevaar van het losmaken en zorg dat ze uit de buurt zijn.
- Wijs collega’s op het gevaar van de druk.
- Werk altijd van je af.
- Gebruik altijd je gezonde verstand.
Juridische en technische verwijzingen
De volgende richtlijnen zijn van toepassing op druk in leidingsystemen aan boord:
- ADN 8.3.3 – Bediening van leidingen en afsluiters
- ISGINTT hoofdstuk 14 – Transfer operations and pressure hazards
- Ship/Shore Safety Checklist – Secties 5 en 6

Disclaimer
Deze informatie is met de grootste zorg samengesteld. Aan de inhoud kunnen geen rechten worden ontleend.
Binnenvaart Kennis aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade of letsel als gevolg van handelingen die voortvloeien uit dit document.
